Autosnelweg
Uit Infowiki
Autosnelweg
Weg met gescheiden hoofdrijbanen met elk minimaal
- twee rijstroken;
- doorgaande vluchtstroken;
- invoeg- en uitrijstroken;
- enkelbaans toe- en afritten;
- weefvakken, verbindingswegen en rangeerbanen;
- ongelijkvloerse kruispunten en kruisingen.
Op een autosnelweg worden uitsluitend toegelaten:
- motorvoertuigen die een snelheid van tenminste 60 km per uur kunnen bereiken
Definitie van een autosnelweg
Volgens het RVV1990:
autosnelweg: weg, aangeduid door bord G1 van bijlage I; langs autosnelwegen gelegen
parkeerplaatsen, tankstations en bushalteplaatsen maken geen deel van de autosnelweg uit;
Minimumsnelheid
Het gebruik van de autosnelweg is slechts toegestaan voor bestuurders van een motorvoertuig
waarmee met een snelheid van ten minste 60 km per uur mag en kan worden gereden.
Maximumsnelheid op een autosnelweg
Op een autosnelweg geldt de volgende maximumsnelheid:
- a. voor motorvoertuigen op autosnelwegen 120 km per uur;
- b. voor kampeerwagens als bedoeld in artikel 1.1 van de Regeling voertuigen en waarvan de toegestane maximum massa meer bedraagt dan 3500 kg, vrachtauto's en autobussen, niet zijnde T100-bussen 80 km per uur
- c. voor motorvoertuigen met aanhangwagen, 80 km per uur;
- d. voor andere motorvoertuigen dan genoemd onder b. die een aanhangwagen met een toegestane maximum massa van niet meer dan 3500 kg voortbewegen op autowegen en autosnelwegen een maximumsnelheid van 90 km per uur.
Gebruik van verlichting
- Bestuurders van een motorvoertuig op meer dan twee wielen, die stilstaan op langs autosnelwegen gelegen parkeerstroken, parkeerhavens, vluchtstroken en vluchthavens moeten bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij nacht stadslicht en achterlicht voeren.
- Stilstaande aanhangwagens moeten op langs autosnelwegen gelegen parkeerstroken, parkeerhavens, vluchtstroken en vluchthavens bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij nacht achterlicht en het in de Regeling voertuigen voorgeschreven stadslicht voeren.
Gebruik van rijstroken
Op een autosnelweg is het bestuurders van een samenstel van voertuigen met een totale lengte
van meer dan 7 meter en van een vrachtauto verboden op een rijbaan met drie of meer rijstroken
enig andere dan de twee meest rechts gelegen rijstroken te gebruiken. Het verbod geldt niet voor
het geval zij moeten voorsorteren.
Overige bepalingen
- Het is de bestuurders voorts verboden op de rijbaan van een autosnelweg of autoweg hun voertuig te laten stilstaan.
- Het is de bestuurders verboden op een autosnelweg of autoweg hun voertuig te keren of achteruit te rijden.
- Behoudens in noodgevallen is het de weggebruikers verboden op een autosnelweg of autoweg gebruik te maken van de vluchtstrook, de vluchthaven of de berm.