Openbaar Ministerie in Nederland

Uit Infowiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Het Openbaar Ministerie (OM) is – samen met de rechters – een onderdeel van de rechterlijke macht. Het heeft als landelijke organisatie vestigingen in alle politieregio’s. Op 19 arrondissementsparketten beoordelen officieren van Justitie de honderdduizenden zaken die jaarlijks binnenkomen.

Zij worden ondersteund door administratieve en juridische specialisten. Zaken waarin hoger beroep wordt aangetekend komen bij een van de vijf ressortparketten, waar een ‘advocaat-generaal’ het OM vertegenwoordigt. De parketten worden geleid door hoofdofficieren van Justitie en hoofdadvocaten-generaal.

De landelijke leiding van het OM berust bij het College van procureurs-generaal (het College) in Den Haag. De minister van Justitie is zowel politiek als beheersmatig verantwoordelijk voor het OM. Hij bepaalt samen met het College de prioriteiten in de opsporing en vervolging.

Opsporing

Het OM zorgt voor de opsporing en vervolging van strafbare feiten en brengt als enige instantie in Nederland verdachten voor de strafrechter. Het OM werkt daarbij samen met de politie en andere opsporingsdiensten. Een officier van Justitie leidt als vertegenwoordiger van het OM het opsporingsonderzoek. Het OM draagt de eindverantwoordelijkheid voor de opsporing.

Het feitelijke opsporingswerk is een taak van de politie. Politiemensen zoeken naar sporen, horen getuigen en slachtoffers, houden verdachten aan en leggen alle gegevens schriftelijk vast in een proces-verbaal. Als vertegenwoordigers van het OM hebben de officieren van Justitie het gezag over de politieonderzoeken. Zeker bij zware misdrijven geeft de officier van Justitie direct leiding aan het onderzoek. Daarbij ziet hij erop toe dat de opsporing zorgvuldig en eerlijk verloopt, dus volgens de regels van de wet.

Vervolging

Het OM is in de rechtszaal vertegenwoordigd door de officier van Justitie in de rol van openbare aanklager. Andere hoofdrolspelers zijn de rechter en de advocaat van de verdachte. De openbare aanklager klaagt de verdachte aan in naam van de samenleving.

Toch is de officier in het Nederlandse rechtssysteem niet de ‘advocaat van de samenleving’. Hij is onpartijdig en moet álle relevante feiten en omstandigheden melden, ook als die in het voordeel van de verdachte zijn. In het proces staat de waarheidsvinding centraal. Het OM moet verder het slachtoffer informeren over de procesgang en zijn rechten.

De officier verwoordt in zijn strafeis het maatschappelijk ongenoegen en doet met de eis recht aan dader en slachtoffer. De strafeis moet in verhouding staan tot wat er is gebeurd en er moet sprake zijn van rechtsgelijkheid. Het OM wil met de sancties onder meer bereiken dat waar mogelijk de (im)materiële schade aan benadeelde wordt weggenomen en dat de maatschappij wordt beschermd tegen verdere normoverschrijding door de dader.

Nadat de rechter een vonnis heeft geveld, houdt het OM toezicht op een goede uitvoering van dat vonnis; boetes moeten worden betaald, gevangenisstraffen uitgezeten, taakstraffen uitgevoerd.

Wie na een beslissing van de kantonrechter in hoger beroep gaat, komt terecht bij de arrondissementsrechtbank.

• Deze pagina is het laatst bewerkt op 11 apr 2010 om 14:31. • Deze pagina is 271 maal bekeken.
Powered by MediaWiki
Style © 2008 - 2010 Team Infopolitie voor Infopolitie.nl